Flagstaff – Kingman

Een korte rit vandaag, wat niet slecht uitkomt aangezien we morgen de langste rit van de hele tocht gaan maken. Het was een rit met mooie natuur en veel afwisseling: Na een begin in een woestijnachtige omgeving, reden we even later door de bergen en bossen, om uiteindelijk weer in een wat meer desolate omgeving te eindigen. Het weer is nog steeds geweldig, met vandaag een maximum van zo’n 30 graden en volop zon. Je merkt wel dat we richting de woestijn rijden, ’s nachts is het nu een graad of 10. Als de vooruitzichten kloppen blijft het de rest van ons verblijf in Amerika prima weer, en hebben we dus gewoon enorme mazzel.

Vandaag waren we voor het grootste gedeelte op bekend terrein, waar we al twee keer eerder geweest zijn. Eerst naar Williams, met de bekende diner waar we twee jaar geleden nog ontbeten hebben. Daarna naar de plek waar de liefde voor de route 16jaar geleden ooit begonnen is, Seligman. De grootste verandering sindsdien is wel het enorme aantal toeristen: Complete touringcars vol stonden er geparkeerd, voornamelijk uit Las Vegas afkomstig. Dat haalt toch wel erg veel van de charme af, alhoewel het de overlevingskansen van het stadje natuurlijk wel enorm vergroot.

Na Seligman op naar Hackberry, nog zo’n Route 66 icoon. Altijd weer erg grappig om iedereen met 65mph de bocht om te zien scheuren, er voorbij te rijden, vol op de rem te gaan staan en een U-turn te maken. De bussen blijven hier gelukkig weg.

Nu zijn we in Kingman, alwaar we onze vrienden van Mr D’s diner nog maar eens bezocht hebben, en tevens het plaatselijke Route 66 museum hebben bezocht. Deze kwam minder aanbevolen dan die in Clinton, maar was op z’n eigen manier zeker de moeite waard. Met name de hele persoonlijke verhalen hoe de route vanaf eind 19e eeuw tot halverwege de 20e eeuw werd gereden maakte indruk. Van pure survival, met talloze doden onderweg, tot uiteindelijk entertainment om je nieuwe auto eens goed uit te proberen.

Dank voor de reacties op dit weblog! We lezen ze allemaal, maar reageren niet meteen terug. En nee, Oopster, we hebben nog geen sokken gezien, maar wie weet in San Francisco.

Nee, dat helpt lekker 

Een toeristische diner die overleeft doordat het nog lekker is ook.

Was vorige keer ook al lekker

16 jaar geleden

Situatie 2013

Ja, zo is de grap er (letterlijk) wel vanaf

Er lijken zowaar mailboxen bij te zijn gekomen!

Gallup – Flagstaff

Vandaag was een dag met een op zich korte rit, maar door het grote aantal bezienswaardigheden onderweg was het toch weer een goed gevuld programma. Vanochtend begonnen we met de speurtocht naar de Querino dirt road en bijbehorende brug. Het is ons inmiddels duidelijk dat de meeste collega Route 66 rijders de luxe variant doen: Men neme de Interstate, en je gaat daar op gepaste momenten vanaf om wat bezienswaardigheden te ontdekken. Zo kun je ‘m prima in een week rijden, maar je hebt er dan echt geen reet van gezien en/of begrepen. Op de ongeplaveide stukken komen we in ieder geval geen hond tegen, terwijl we bij de attracties regelmatig Californische en/of Illinois kentekenplaten tegenkomen.

Na Querino bezochten we weer eens een National Park. Allereerst viel daar de Painted Desert te bewonderen, een mooi stuk woestijn met veel verschillende kleuren. Daarna door naar het Petrified Forest; wij hadden daar visioenen bij van een Seqouia achtig bos, waarbij de bomen redelijk versteend waren. Dat klopte niet helemaal, het betreft een stuk woestijn alwaar stukken versteende boomstronk liggen. Wel erg mooi.

Onderweg ook bij diverse legendarische Trading Posts bezocht. Origineel waren dit de supermarkten onderweg alwaar men alle benodigdheden aanschafte. Door de komst van de Interstate zijn die bijna allemaal verdwenen, en tot voor kort waren alleen een aantal legendarische exemplaren nog geopend. Na vandaag is ons duidelijk dat zelfs die gekoesterde filialen het vaak niet redden, ondanks dat ze een eigen afslag van de Interstate hebben. Twin Arrows en Meteor Crater Town waren zo te zien niet al te lang geleden toegevoegd aan het rijtje van voormalige topattracties langs de route.

Wel zijn we nog even bij de Meteor Crater gaan kijken: Een particulier beheerd, maar wel door de staat gecontroleerde attractie alwaar de mooiste meteoor krater ter wereld valt te bekijken. Leuke tour, met een mooi verhaal erachter. Echt de moeite waard.

Daarna nog even gespeurd naar de ghosttown Canyon Diablo, maar de weg werd erg slecht en er was geen enkel vooruitzicht dat we de stad daadwerkelijk zouden gaan bereiken. Soms moet je verstandig zijn en dan maar halverwege omkeren.

’s Avonds zijn we naar het Lowell Observatory in Flagstaff gegaan, alwaar na zonsondergang de telescopen in stelling worden gebracht om het zwerk te bestuderen. Met de telescoop van Lowell is onder andere de planeet Pluto ontdekt, dus het zijn wel toppertjes hier. Alhoewel de sterrenhemel na een aantal colleges door DJB zelf nauwelijks nog geheimen voor ons heeft, was het toch aardig om wat uitleg te krijgen en wat fraaie sterrenclusters te zien.

Morgen naar Kingman, met wie weet nog een detour hier en daar.

Brug bij Querino

Painted Desert

Painted Desert foto, the-making-of

Tribute to Route 66 in het National Park

Standaard tafereeltje met Amerikaanse toeristen onderweg. Let ook op die smetteloze witte gympen. Die staan echt altijd goed.

Petrified forest. De boomstammen lijken nog het meest op edelstenen.

WigWam Motel, een beschermd monumenten misschien wel daardoor ook nog steeds in gebruik. Hier heten het overigens WigWam’s, terwijl er elders van TeePee’s gesproken wordt. Wat dan wel weer heel typisch is.

De Jack Rabbit Trading Post was als enige nog gewoon open. Gezien het aanbod van prullaria en de aanloop van toeristen zal dat ook wel niet lang meer goed gaan. Excessen zoals hierboven worden daarmee dan wel voorkomen.

Meteor Crater Trading Post. Wat op de grond ligt vormde nog niet zo heel lang geleden de langste kaart van Route 66 ter wereld. En daarvoor hadden we nou net die afslag genomen.

Twin Arrows Trading Post, ook al gesloten.

Levensgevaarlijke balanceeract op het randje van de Meteor Crater

Een brug. Ook al gesloten. Maar die worden er juist wel weer aantrekkelijker van.

Flagstaff vanaf het Observatory. Door de extreem heldere maan werd het sterrenkijken juist weer wat bemoeilijkt.

Het technologisch zenuwcentrum zoals dat iedere avond in het volgende hotel weer in stelling wordt gebracht om de berichtgeving te verzorgen.

 

Albuquerque – Gallup

Na een rustige rit zijn we nu in Gallup, New Mexico. Vandaag vooral mooie natuur gezien, die een beetje te vergelijken is met wat er bij de Grand Canyon en Monument Valley te zien is. Mooie rotsen, luchten en kleuren dus. Verder het normale pallet onderweg: Verlaten tankstations, motels en allerhande handelsposten. Doordat we nogal avontuurlijk ook de kleinere weggetjes afreden werd het bij tijd en wijle weer behoorlijk Parijs-Dakar, maar de angst voor een lekke band in the-middle-of-nowhere zorgt er dan toch wel voor dat je enigszins verstandig tussen de (soms enorme) kuilen in de weg gaat laveren. Ook het halve oog op de benzinemeter (minder dan 100 mijl distance-to-empty geeft al lichte verontrusting onder deze omstandigheden) zorgt voor een gezonde wedstrijdspanning in de cockpit.

Onderweg bij verrassing langs het Red Rock National Park gekomen; Dat zat niet in de voorbereiding, maar gezien het historische U2-concert was het natuurlijk toch het omweggetje van 5 mijlen waard. Er bleek daadwerkelijk een openluchttheater aanwezig te zijn, wat zo te zien echter voornamelijk voor rodeo-achtige activiteiten werd gebruikt. Later leert even Google’n dat er maar liefst drie Red Rocks in de USA zijn, en dat die van U2 in Colorado ligt… Toch geen heilige grond betreden dus!

Met een lunch bij Denny’s (onverschrokken als we zijn) en een diner bij Fratelli’s (echt prima pizza) zijn we nu in het hotel beland. Morgen naar Flagstaff, daarna naar Kingman en als laatste naar Santa Monica. Dat beloven alle drie erg mooie ritten te worden. Het einde van de route komt in zicht!

Dat je bij Denny’s een salade besteld beschouwen die Amerikanen als tamelijk verontrustend, maar daar hebben ze een oplossing voor: Die kom soep is de meegeleverde dressing (goed voor twintig man), het brood ernaast lijkt zo uit de frituur te komen. Onder de 1500kcal serveren wij hier niet!

Mooie art deco-achtige tegels. Bij dit soort tentjes staat er vaak een hek omheen, alsof de eigenaar toch de hoop nog heeft dat bij het verder opleven van Route 66 een en ander ooit nog te gelde te maken is.

Red Rock theatre. Die andere.

Zo te zien een 1965 Pontiac Bonneville limo. Auto’s in deze staat zie je in deze regio eigenlijk bij vrijwel ieder huis staan. Weinig geld, trailer-achtige woningen, maar genoeg ruimte om de oude auto’s in de tuin te laten staan.

Gezellige omgeving zo af en toe

1959 Impala. Nog even geprobeerd te starten, maar helaas. Waarschijnlijk geen benzine meer.

Motel sign. Net zolang tot niemand ze meer kan zien of luchten.

The Owl Rock. In vrijwel ieder Route 66 overzicht aanbevolen als must-see-item. Reden daarvoor is niet helemaal duidelijk.

Dit soort treinen zien we de hele dag door. Twee, drie of vier locomotieven ervoor, en meer dan honderd wagons erachter. Ze toeteren bij iedere overweg, vermoedelijk omdat de remweg zo ongeveer de lengte van de A2 heeft.

Kruispunt van de ene middle-of-nowhere-weg met de andere middle-of-nowhere-weg. Daar kun je tenminste nog eens rustig met je Magnum .44 oefenen.

 

Santa Fe – Albuquerque

In Santa Fe hadden we het beste hotel tot dusver, en ook het ontbijt sloot daar naadloos op aan. Eindelijk gewoon verse eieren in plaats van aangelengd poeder en normaal brood in plaats van de Amerikaanse interpretatie van het aloude King Corn. Gesterkt konden we dus aan de korte rit naar Albuquerque beginnen.

Onderweg weinig bezienswaardigheden, maar we zijn wel even gestopt bij La Bajada Hill, een bekend obstakel uit de begintijd van de Route 66. Het is een heuvel die aan beide kanten enorm steile hellingen heeft, die in de begintijd van de automobielindustrie bijna niet te nemen was. Naar verluidt huurden migranten lokale bestuurders in om hun T-Ford achteruit (!) de berg op te rijden, omdat dat de enige manier was waarop de brandstoftoevoer gegarandeerd bleef.

Albuquerque blijkt enigszins vergelijkbaar te zijn met Santa Fe, maar iets minder upperclass. Wel heel sterke Mexicaanse invloeden, sterker nog, het heet niet voor niets New Mexico: Volop Mexicanen op straat, eettentjes zijn voor meer dan de helft Mexicaans, en als leuk bijverschijnsel zijn er fantastische auto’s te zien. We hebben in Albuquerque al meer klassiekers gezien dan tijdens de gehele eerste week, en dat is inclusief low-riders en ander verbouwd spul. Nog nauwelijks foto’s van gemaakt, want veel stilstaan doen ze niet.

Ook in Albuquerque hebben we in het oude centrum gelopen, waar je struikelt over de toeristische winkeltjes met sieraden en semi-kunstige prullaria. Wel werden we in een winkel aangesproken door een oudere dame, die even haar hele doopceel aan ons meedeelde. In iedere andere setting hadden we dat als opdringerig ervaren, maar hier merk je dat Amerikanen vaak oprecht geïnteresseerd zijn, en het gewoon leuk vinden om een praatje te maken. Voor geboren en getogen Amsterdammers valt het nog niet mee om dat zomaar te accepteren!

In het hotel hebben we zowaar even gesport (nou ja, het zwembad bezocht), en daarna al zoekende naar een restaurant nog even een avondsessie neons fotograferen gedaan. Morgen een naar verluidt mooie rit met veel natuurschoon naar Gallup, alwaar het dan 26 graden zal zijn. Het leven valt niet mee!

Hier vonden we het wat overdreven worden. Zelfs met vierwielaandrijving.

Fraaie toegangspoort tot Albuquerque

Zowaar werkende neon

Hoogstwaarschijnlijk verkopen ze hier hotdogs. De tralies voor de ramen en de rondhangende Mexicanen maakten het er helaas niet echt aantrekkelijker op.

Tucumcari – Santa Fe

Vandaag een rustige dag. Op ons gemak uit Tucumcari vertrokken en op weg gegaan naar Santa Fe. Vanuit de voorbereiding was al duidelijk geworden dat deze en de komende dagen niet de spannendste zijn van Route 66, maar eerlijk gezegd vinden we het helemaal niet erg om ook gewoon even te niksen. Onderweg zijn we naar het Route 66 auto museum geweest, een aardig museum met zo’n 30 auto’s die deels ook te koop waren. Alhoewel er geen hele slechte stukken in de route zouden moeten zitten vandaag, werd het toch nog even terreinrijden doordat er bij stevige regen aarde naar de lager gelegen gedeeltes van de route spoelt. Een Nederlands stel dat we tegenkwamen bij zo’n barrière was er met hun tweewiel aangedreven sedan duidelijk iets minder op voorbereid. Wel goed om te zien dat ook zij de route vanaf Chicago in z’n geheel aan het rijden waren. Sowieso komen we onderweg sommige medereizigers met enige regelmaat tegen.

We overnachten in een buitengewoon fraai hotel in Santa Fe. Bovendien blijkt het een aardig stadje te zijn met een leuk doch toeristisch centrum. De temperatuur valt mee, zo’n 21 graden, dus het is nog steeds korte broeken weer. Morgen naar Albuquerque, wederom een korte rit met een beperkt aantal highlights, maar dat geeft mooi de gelegenheid de stad te verkennen en bij te slapen!

Met wat speurwerk deze brug gevonden aan het eind van een doodlopend stuk weg

Kleine obstakels voor onze Nissan Murano Paris Dakar Edition (zo ziet-ie er inmiddels in ieder geval uit), maar deze Chrysler 200 had er wat meer moeite mee

Bijzondere auto in het museum-annex-verkooppunt, een 1956 Chevy El Camino die nooit officieel bestaan heeft. Deze was heel fraai zelf geconstrueerd uit een Nomad.

Indrukwekkende kerk in Santa Fe. Geen opsmuk, recht door zee. Kan het Vaticaan nog een puntje aan zuigen.

Terras tijd, met bier en Mexicaanse triple dip!

Amarillo – Tucumcari

Vandaag een kalme dag, met slechts een paar uur in de auto. We begonnen waar we gisteren geëindigd waren, in The Big Texan voor het ontbijt. Om ons heen zaten mensen complete koeien op de vroege ochtend weg te stouwen, wij beperkten ons tot een eitje met bacon.

Hierna via een afscheidsbezoek aan de Cadillac Ranch naar de Westgate Mall gereden om ons eens goed te oriënteren op allerhande noodzakelijkheden. Voornaamste conclusie was dat we echt alles al hebben, dus slechts met een USB-stick om de foto’s op te kunnen backuppen (16000 foto’s per dag) verlieten we het pand.

Af en toe terreinrijdend, af en toe cruisend reden we naar o.a. Adrian waar je precies halverwege Route 66 bent en enkele ghosttowns. Uiteindelijk kwamen we een uur eerder dan verwacht op de plaats van bestemming; Inderdaad, een tijdzone gepasseerd, en we zitten nu dus op Mountain Time. Tucumcari koestert het Route 66 verleden zo te zien actief, wat het een aardig plaatsje maakt. Morgen naar Santa Fe, wederom een kort ritje, waarbij we de bergen ingaan. Santa Fe ligt op 7000ft, en het zal dus ook wel voor het eerst lange broeken weer worden.

The Big Texan haalt z’n klanten gratis bij de hotels in de omgeving op. Met een toeter met koeiengeluid.

We zijn halverwege!

Off road kom je ook andere verrassingen tegen

Echte ghost towns onderweg

Geen motelsign, maar van een cafe

Relikwie uit het begin van de vorige eeuw. De bijbehorende brug is helaas gesneuveld.

Tucumcari at night

Het bekende Blue Swallow Motel

Bioscoop, nog steeds in gebruik

Oklahoma City – Amarillo

Het was vandaag weer een mooie dag! Het weer was wat schappelijker, met een graad of 25 en aan het eind van de dag een paar spetters regen. Uiteindelijk is dat toch iets prettiger weer dan met bijna 40 graden gedwongen in de airco te zitten. We reden vandaag van Oklahoma naar Texas, en de hele rit viel niet tegen. Uiteraard een paar keer de Interstate gepakt, maar toch ook heel veel van Route 66 gezien.

Eerste highlight was de speurtocht naar de Pony Bridge van El Reno. Met alle normale aanwijzingen zou je er nooit langskomen, maar met wat tips vanaf Internet, een paar U-turns en een gezonde dosis geluk kwam-ie uiteindelijk toch in het vizier. 38 bogen, waarvan we verwacht hadden dat ze lang geleden voor alle verkeer gesloten waren. Maar integendeel, het zware verkeer dendert er tachtig jaar later gewoon nog vol gas overheen!

De verdere route kende nog een aantal hoogtepunten, met o.a. Shamrock en Maclean waar nog heel veel restanten van het oude leven te vinden zijn. In MacLean hebben we zelfs het barbwire museum bezocht: Ja, het bestaat echt, een museum volledig toegewijd aan prikkeldraad. En nog gratis ook! In Clinton bezochten we het Route 66 museum. Daar zijn er vele van langs de route (ieder zichzelf respecterend stadje heeft er een), maar in de voorbereidingen was al duidelijk geworden dat dit de beste was. En beide musea stelden niet teleur.

De route was zo hier en daar nog wel even spannend: het bord ‘End of Pavement’ werd in de cockpit wat lacherig ontvangen, het zal toch niet zo zijn dat het asfalt ineens ophoudt? Wel dus, en we denderden met 100km/u het karrenspoor op. De tweede keer ging dat alweer wat beter, en misten we zowaar die kuil van een halve meter diep. Je moet er wat voor over hebben om de originele route te volgen…

Aan het eind van de route kwamen we aan bij The Big Texan, alwaar we nu verblijven. Het betreft hier een cowboy-oord in het kwadraat, en als je niet beter zou weten zou je zweren dat het een parodie betreft. Naast een volledig in stijl ingericht motel is er een druk bezocht restaurant, waar je de 72oz (ruim 2kg) zware steak gratis krijgt als je ‘m binnen een uur opeet. De clientèle bestaat dan ook voor het grootste deel uit overweight Amerikanen die dit spektakel komen bekijken.

Grootste attractie in de buurt, de Cadillac Ranch, hebben we ook al even bezocht. Ook de parodie in de vorm van Combine City, waar combines schuin in de grond geplaatst zijn, hebben we met de van Internet gekaapte aanwijzingen uiteindelijk weten te vinden.

Morgen naar New Mexico (Tucumcari), dat lijkt een redelijk ongecompliceerde rit te worden.

Pony Bridge

Motel sign

Tankstation

Prikkeldraadmuseum. Echt waar. Niet zelf verzonnen.

Cadillac Ranch

Imitatie met combines

Imitatie. Maar toch prettig voor de ogen.

Locust Grove – Oklahoma City

Het is nog steeds warm, erg warm. Vandaag haalden we de 39 graden, waarbij aangetekend dat toen het vanavond begon te regenen de temperatuur naar 23 graden donderde. Een welkome verfrissing dus! Volgens de vooruitzichten wordt het de komende dagen wat normaler weer op onze route, en kunnen we temperaturen van een graad of 30 verwachten.

Vandaag wederom de nodige bezienswaardigheden af kunnen vinken. Ik noem hier als willekeurige selectie de blauwe walvis van Catoosa, het Skyliner motel in Stroud en de trein in Tulsa. Zoals jullie zullen begrijpen stuk voor stuk Must-See-items! De afstand viel vandaag wel mee, en we waren dan ook al aan het begin van de middag in Oklahoma City. Om de routine van auto-in-auto-uit even te doorbreken, hebben we de Oklahoma City Zoo bezocht, die volgens diverse bronnen een van de hoogtepunten van deze stad zou moeten zijn. Het was een aardige zoo, waar je relatief dicht bij de dieren komt en we nog wat mooie foto’s hebben kunnen maken. Daarna naar het Oklahoma memorial ter nagedachtenis van de aanslag in 1995. We hadden al eerder in documentaires gezien dat de Amerikanen ook hier weer iets fraais van hadden gemaakt, en dat moesten we natuurlijk ook even met eigen ogen bewonderen. ’s Avonds zijn we nog even terug gegaan om het verlichte monument ook in het donker te fotograferen.

Morgen een lange dag, waarbij we van Oklahoma naar Texas zullen rijden. We hebben al wat stukken voorgeselecteerd om bij grote vertraging te kunnen skippen. De rit staat voor 260 mijl in het boek, maar inmiddels weten we dat dit met alle detours zomaar 350 mijl zal worden, en dat dat gewoon niet binnen de tien uur gaat lukken. Keuzes, keuzes….

The Blue Whale. Ooit door een vader als verjaardagskado voor z’n dochter gemaakt, nu rijden mafkezen uit Nederland er honderden mijlen voor om het ding te bekijken.

Als je RELTA 6 niet haalde werd je naar het front gestuurd

Ja, weer een motelsign

American Eagle

Iets te ver doorgefokt

Memorial bij daglicht

Memorial at night. Een stoel voor ieder slachtoffer.

Nog eentje dan. 9:03 staat voor het tijdstip van de aanslag.

 

Drie staten: St Louis – Lucost Grove

Vandaag was zoals voorspeld een lange dag met veel rijden, maar het was wel de eerste echte Route 66 dag. We zijn door drie staten gereden, Missouri, Kansas en Oklahoma. Ondanks het skippen van enkele oninteressante stukken (wat enkele uren aan tijdwinst opleverde), hebben we ruim 11 uur gereden en ergens tussen de 7 en 800km afgelegd. Maar we hebben de dingen gezien waar het uiteindelijk allemaal om draait: Vervallen en verlaten motels, oude benzinestations, gesloten bruggen, mooie neons, leuke diners, nog maar amper functionerende garages… En natuurlijk de attracties die proberen de toeristen naar zich toe te lokken. De grootste ketchupfles ter wereld hebben we gisteren moeten laten schieten, maar dat werd vandaag dan weer ruimschoots goedgemaakt met de grootste schommelstoel ter wereld. En dat was al de tweede die we tegenkwamen!

Hoogtepunten van vandaag qua Route 66 gehalte waren de oude brug bij Devil’s Elbow (alleen al de naam is genoeg om er langs te rijden), het originele stuk weg waar de auto maar net oppaste, de ‘Four Women on Route 66’ die hun toko tactisch omgedoopt bleken te hebben in ‘Cars on Route 66’ naar de Disney film en de moeite die ze in Kansas genomen hebben (kortste stuk van alle Staten, maar leukste tot dusver) om wat van de Route te maken.

Het blijkt in de praktijk behoorlijk lastig om de originele route goed te volgen. We hebben een aantal bronnen aan boord die daarbij moeten helpen, maar het soms juist ook weer lastiger maken. Naast de TomTom hebben we diverse kaarten bij ons, maar ook boeken en beschrijvingen van de route. Tel daarbij op dat we zelf een idee hebben welke kant we op moeten en dat er al dan niet aanwezige borden zijn die je de juiste kant op moeten sturen. Als klap op de vuurpijl zijn er regelmatig situaties waarbij je kunt kiezen welke route je wilt volgen: Die van 1930 of die van 1970. De spanning tussen bestuurder en navigator kan dus zomaar op pre-TomTom niveau belanden. We hebben ons er inmiddels ruimschoots bij neergelegd dat we aan het eind van de rit waarschijnlijk ongeveer driekwart daadwerkelijk gereden zullen hebben, waarbij we gelukkig in de voorbereiding voldoende zeker hebben gesteld dat in het stuk dat we gaan missen geen vreselijk onmisbare highlights zullen hebben gezeten.

Ook het bekijken van alles onderweg valt nog niet mee. Behalve dat er om de haverklap STOP-borden op de weg staan (al twee keer eentje gemist…) is het met autorijden nou ook eenmaal zo dat als je iets leuks ziet, je er op hetzelfde moment aan voorbij rijdt. De standaard handelswijze is dan dat bestuurder en navigator kortstondig doch koortsachtig overleggen of het al dan niet de moeite waard is om een U-turn te maken. De bandenslijtage is inmiddels dus al aanzienlijk! Wat ook duidelijk is, is dat je een gedeelte van de tijd echt andermans ellende zit te bekijken. De plekken waar de route de fraaiste taferelen heeft, en de boel dus wat deplorabel is, is de omgeving over het algemeen niet veel beter. Doordat er ruimschoots voldoende ruimte is, blijft alles echter behouden. Dat failliete tankstation blijft gewoon staan, en de volgende ondernemer bouwt een nieuwe ernaast. Welcome to America.

Brug bij Devil’s Elbow. Tevens HDR-foto-met-statief experiment.

Typische toeristenattractie met wat verzamelde rommel.

Toegang tot (nog werkende) Drive In bioscoop

Cars on Route 66. Wachten is op die mega-claim van Disney natuurlijk.

Formerly known as ‘4 Women on Route 66’. Maar zo loopt de tent waarschijnlijk net wat lekkerder. Wel zelfgemaakte hamburgers!

Krap weggetje.

Dit soort verlaten motels zie je heel veel.

Hiervoor maakten we zelfs een U-turn op de highway. Ondanks dat het een doodgewone Denny’s is.

Springfield – St Louis

Vanochtend alweer vroeg wakker (nog steeds die vermaledijde jetlag), en dus bijtijds aan het ontbijt. Dit keer was er een continental breakfast inbegrepen, en van eerdere bezoeken weten wat dat zo ongeveer inhoudt. Een mandje muffins, wat toast, wat met water aangemaakte eierpoeder, en wat slappe koffie en thee. In dit specifieke geval stond er ook een wafelijzer, en de aanwezige Amerikaanse hotelgasten hadden met z’n zessen gezamenlijk net voldoende intellect om de bediening van dit stukje high tech te doorgronden. Afijn, een toneelstuk is altijd een mooi begin van de dag. Na het ontbijt konden we even shoppen, waarbij onder andere een kleine koelbox voor onderweg (gratis ijs in de meeste hotels) en wat t-shirts zijn aangeschaft. Daarna hebben we nog even de resterende highlights van Springfield tot ons genomen: Een oud benzinestation, het graf van Lincoln, en de derde van onze Muffler Men collectie (Google er maar even op).

Hierna zijn we de route weer op gedraaid voor de 200 mijl naar Saint Louis, waarbij we tevens van Illinois naar Missouri zijn gegaan. Onderweg een flink aantal vervallen motels, toeristisch opgeknapte tankstations en buiten gebruik gestelde stukken route 66 en bruggen.

Na toch wel een flinke rit kwamen we aan het eind van de dag in St Louis aan, alwaar we nog even vlug naar de Budweiser brouwerij konden en de bekende Arch konden bekijken. Na het diner zijn we nu de route van morgen aan het voorbereiden: Ruim 400 mijl, waarbij we stiekem al even kijken of we de oninteressante stukken kunnen skipper door even een stuk Interstate te pakken. Als we de hele route volgen kost dit ons anders naar schatting minstens tien uur…. Het is niet altijd makkelijk zuiver in de leer te blijven!

Typisch benzinestation onderweg, waarvan de meeste zijn gesloten omdat iedereen alleen maar foto’s maakt en niets koopt (inclusief ondergetekende inderdaad)

Vervallen bende, en dat maakt het juist zo charmant

Tombe van Lincoln. In het gedenken van hun helden blijven de Amerikanen erg goed.

Chain of Rocks Bridge

Budweiser.

The Arch