Dag 12: Tadoussac

Deze dag kende een zwaar verstoorde start, waardoor het Ontbijtverslag helaas een alinea moet wachten. Gisteravond (prima gedineerd overigens) hebben we online kaartjes gekocht voor de Whale Watching Boat Tour. Maar zoals we al eerder hebben gemerkt is de automatisering in Canada nog niet heel ver gevorderd, want alhoewel de reservering prima doorkwam en het verschuldigde bedrag in een oogwenk van de creditcard was verdwenen was de eerstvolgende mededeling in de mail dat we de kaartjes voor vertrek fysiek op moesten halen bij het verkooppunt. Dat op dat moment gesloten was. En aan de andere kant van het dorp ligt. Daarom was de reisleider genoodzaakt om om o-seven-hundred de wekker te zetten om voor dag en dauw (nou ja) bij het openen van de ticketoffice de kaartjes op te halen. Wat een gepruts, maar aangezien de duizend man in het dorp hier het hele jaar van moeten leven wordt iedereen vermoedelijk op deze manier aan het werk gehouden.

Ticketoffice annex internetprinter. Opent om 08:00.

Als je de eerste Zodiac van de dag hebt en hier om 07:00 voor de deur staat mag je weer naar de andere kant van het dorp wandelen.

Dan alsnog het Ontbijtverslag van deze dag voor onze vaste ontbijtrecensieliefhebster: Ontbijt op stand in het hotel Tadoussac. Met zo’n olijke vijftiger met vlinderdas die je je plek wijst en iedere dag dezelfde grappen maakt, gestevend wit linnen tafelkleed plus bijbehorende servetten en een jongedame die aan je tafel de koffie en thee komt inschenken. Verder volop keuze uit verse producten, topontbijt.

Na het ontbijt konden we vertrekken om de eerste boot van de dag te halen. Whale Watching is hier een populaire bezigheid, het warme/zoete water van de rivier komt hier het koude/zoute water van de zee tegen en dat zorgt voor heel veel krill wat weer door de walvissen gegeten wordt. Een kleine tien minuten verder sloten we naadloos bij onze medeslachtoffers van het massatoerisme aan. Als we de kaartverkoop niet meerekenen is het allemaal verder prima georganiseerd en konden we moeiteloos een plekje aan boord van de Bereboot bemachtigen. Gisteren hadden we al eerder taferelen van een vrij volle boot gezien, maar gelukkig was blijkbaar de vroege afvaart iets minder populair. In onze mentale voorbereiding waren we volledig van het worst case scenario uitgegaan: Drie uur op een door golfslag geteisterde boot, steenkoud, slagregens en natuurlijk geen Whale te spotten. Het tegenovergestelde bleek het geval, kalm zeetje, licht fris maar droog, bleek zonnetje en volop Whales te zien. Met een mevrouw die aan een stuk door voorlichting door de speakers liet schallen waardoor zowel het gewicht van de volwassen blauwe vinvis als het dagelijkse menu van de grijze zeehond voor ons geen geheimen meer kent. Daarnaast gaf ze voortdurend aan waar er iets te zien viel, daarmee driekwart van de fotografen (iedereen) van links naar de rechts over de boot te laten rennen, het schip daarbij vervaarlijk naar een kant laten hellend. Als nuchtere Hollanders en ervaren schippers (deel van de MiniGruppe) konden wij natuurlijk stoïcijns onze reeds ingenomen posities blijven bewaken waarmee volgens ons de kans op een observatie groter was dan door als een kip zonder kop in een soort halve marathon het hele schip af te rennen. Uiteindelijk hebben we gekregen waarvoor we kwamen: Weliswaar nog net geen over de boot heen springende potvis, maar wel de rug, vin en staartvin van vele bultruggen en hier en daar een spuitende fontein van het ademhalen. Prima score dus.

De Bereboot

Sommige mensen moesten voor straf kozen voor een oranje pak en gaan met een Zodiac mee. Wij doopten ze minions.

Ik wist niet dat je de lichaamstemperatuur op deze afstand kon raden, maar ze kijken zelfs koud. De Zodiacs varen wel voor onze bejaardenboot uit en zijn een stuk flexibeler om naar de volgende target te varen.

Observatiepositie ingenomen

Spuitert

Staartvin 1

Staartvin 2

Iedereen in de weer om dezelfde foto te maken

Zodiacs en bejaardenboot omsingelen de walvissen. Hoezo verstoren van de natuur.

Na het walvisgeweld was het alweer tijd voor de lunch. Zo’n boot die leegloopt, en dan ook nog aangevuld met een legertje minions-zodiacs, vult ieder etablissement op de weg van de haven naar het dorp. Daarom maar even naar de kleine Intermarche voor picknickaankopen en met de Bismarck vertrokken naar de Dunes de Tadoussac. Die stonden toch nog op het lijstje dus we konden het nuttige met het aangename combineren. De Dunes bleken een fraai uitzichtpunt precies richting het walvisgeweld te vormen in een daarnaast heel fraaie omgeving. Mooie meepakker dus.

De Dunes de Tadoussac

Goede plek om te parasailen (parapenten? geen idee)

Na de lunch en Dunes zijn we naar een ook nog op het lijstje staande berenspotplaats gereden. Deze oogde echter vervaarlijk verlaten met slechts twee oude schoolbussen en een Suzuki Baleno voor de deur. Als de zaak al geopend was achtten we de kans groot dat de attractie eruit bestond dat we gevieren achter in de Suzuki Baleno zouden worden gepropt voor een doelloze autorit door de bossen, dus deze hebben we maar even aan ons voorbij laten gaan.

Op het bord lijkt het nog wel wat

Nu rust, straks diner, morgen naar voor D nu al het hoogtepunt van de reis: Seguenay annex Port Alfred!

Zelfgenomen foto. Weliswaar van de zijkant van de bus, maar toch.

Dag 11: Quebec – Tadoussac

De la drave: het transport van gekapt hout door het over rivieren te laten drijven. Mooi hoe een beknopte Franse term een uitgebreide Nederlandse vertaling kent. Maar straks daarover meer.

’s Ochtends begonnen we de dag met het via Facetime toezingen van kleinzoon Z. Zodra er contact met gene zijde gelegd is begint daar een vast ritueel en komen binnen twee nanoseconden de andere kleinkinderen L en D ook in beeld waarbij het vervolgens niet lang duurt voordat de iPad uit handen gegrist wordt om O&O ook nog even wat anders te laten zien. Maar altijd fijn om te zien dat het ze goed gaat.

En dan nu natuurlijk speciaal voor vaste meelezer W een ontbijtupdate: Gewoon wederom het ietwat karige doch net een zes min scorende hotelontbijt. Na het ontbijt kon de reisprocedure weer in gang gezet worden: Koffers inpakken, koelbox vullen met ijs, auto inpakken, lootjes trekken voor de chauffeur van de dag, navigatiesysteem instellen… Maar voor je het weet zijn we onderweg. Het weer was vandaag beter dan voorspeld: Enigszins variërend tussen de 15 en 22 graden, en zeker aan de kust wel fris, maar met wat bewolking en af en toe zon zeker niet slecht.

Je gaat met je hele gezin ontbijten maar neemt een telefoonstandaard mee om tijdens het ontbijt maar niets te hoeven missen. Next level.

Die kwastjes zien we veel onderweg, lijkt iets Indiaas (en niet Indiaans) te zijn om slechte krachten af te vangen ofzo. Sowieso zien we in de steden relatief veel mensen uit die regio hier.

Als je een eland ziet graag even bellen

Eerste geplande stop van de dag was de Belvedere Baie st Paul, zoals de naam al zegt een uitzichtpunt over de baai. Onderweg uiteraard even stoppen voor koffie en we kwamen bij een heel aardig hipstertentje uit. Geen binnenshuismutsjes, wel een man met een knotje maar dat hebben we door de vingers gezien. Hierna even naar de supermarkt en zowaar een echte bakkerij voor wat brood. Op weg naar de Belvedere passeerden we nogmaals het hipster koffietentje waar inmiddels op het terras een gozer met sandalen gitaar zat te spelen. Alleen een armetierige hond met een touw als riem ontbrak nog om het plaatje compleet te maken, we waren dus precies op tijd weg. De Belvedere leverde precies dat op wat je ervan verwacht dus na de obligate foto konden we verder naar een Roadside-pareltje dat yours truly aan het programma had toegevoegd. Ondanks dat niet de gehele MiniGruppe van nut en noodzaak overtuigd was maakten we toch de hiervoor benodigde detour en belandden we bij het vanaf heden roemruchte Musee de La Drave.

De kerk van de baai van St Paul

De baai. Had ook een andere baai kunnen zijn. Wel een fraaie baai.

De eigenaar van het museum zat ons bij aankomst al op te wachten. Navraag bij hem leerde dat het museum uiterst populair was, maar dat hebben we tijdens ons bezoek niet echt kunnen verifiëren. Echt logisch klinkt het ook niet aangezien ’the middle of nowhere’ nog een understatement is en het museum ook op vrijwel geen enkele kaart te vinden is. Tel daarbij op dat de aanblik die van Malle Pietje meets Kringloop is en wij vermoedden dat ‘uiterst populair’ misschien niet helemaal de lading dekt. Maar de uiterst vriendelijke eigenaar maakte tijd in zijn zo te zien niet overdreven drukke agenda vrij om ons door het labyrint van kostbaarheden te leiden. Zoals te doen gebruikelijk nam D de honneurs waar om zich voor te laten lichten over houtkap door de eeuwen heen, de geschiedenis van de kettingzaag en de verschillende modellen sneeuwscooter. De rest van de MiniGruppe kon ondertussen foto’s maken en langzaam de weg naar de uitgang proberen te vinden. Het museum (nou ja) kende geen vaste toegangsprijs maar onze kleine donatie werd in dank aanvaard. Al met al scoorden we deze roadside attraction toch wel in de hogere categorie.

Museumdirecteur met hoogtepunt van de tour

Na de picknicklunch vervolgden we onze weg naar Pointe Noire, de eerste locatie (er zullen er nog meer volgen) voor Whale Watching. Begin september is het juiste seizoen dus stonden we na aankomst gezamenlijk de zeehorizon af te speuren naar metershoge fonteinen en hoogopzwiepende walvisstaarten. Uiteraard tevergeefs, en je merkt dan al snel dat Whale Watching wel een vorm van topsport is, want het valt niet mee om met hoge concentratie en de camera in de aanslag twee uur lang naar een lege zee te staren. Dat wordt nog wat, want ons einddoel Tadoussac staat in het teken van de walvis.

Om Tadoussac te kunnen bereiken is de overtocht per ferry noodzakelijk. We hadden niet meer verwacht dat het nog kon, maar de ferry was zowaar gratis. Na een korte overtocht en nog een klein stukje rijden arriveerden we in het Hotel Tadoussac. Fraai op stand en met duidelijke Engelse badplaats vibes. Na het inchecken hebben drie liefhebbers van de MiniGruppe nog een eerste verkennende wandeling van de omgeving gemaakt. Meteen ook even gechecked wat voor mogelijkheden er zijn om morgen met een boot de walvissen (of niet) op te zoeken maar het lijkt erop dat de aanwezige toeristenindustrie hier meer dan voldoende in kan voorzien. Het plaatsje blijkt wel zeer toeristisch te zijn waarbij busladingen toeristen in de rondte worden gereden. Tijdens de wandeling ook meteen het voor morgen op het programma staande Pointe Islet meegepakt maar veel meer dan een volgend uitzichtpunt bleek dat niet te zijn. Straks diner, morgen walvissen spotten.

Sur le ferry

Nog steeds naar ons zin

Uitzicht vanuit het hotel

Het hotel. Soort Newport Bay Club.

Je kunt ook per Zodiac de walvissen bekijken maar dan loop je er wel als een stel Minions bij.

Pointe Islet

Dag 10: Quebec

We gaan inmiddels al een kleine dertig jaar naar Noord Amerika, maar dat hotelontbijt, als je het zo al mag noemen, blijft toch wel een dingetje. Nou viel in dat kader de Quality Inn vandaag nog wel mee: Als je de aangelengde jus d’orange even wegstreept tegen het verse fruit viel er nog best wel iets van te maken. Niet echt fotowaardig, maar we doen het er mee.

Na het ontbijt zijn we per Bismarck naar het oude centrum van de stad gereden. Snel de auto in de vooraf zorgvuldig geselecteerde parkeerplaats geprakt en vervolgens te voet het oude centrum in gelopen. De weersvooruitzichten waren niet al te best dus de regenjassen waren mee, maar eigenlijk hebben we op wat spetters na het de hele dag vrijwel droog weten te houden. In de voorbereiding was al duidelijk dat we voor deze dag een fraai hoogtepunt in de vorm van een funiculaire in het vooruitzicht hadden. Vaste lezers weten dat naast de Muffler Men ook de funiculaire op onze warme belangstelling kan rekenen, zie https://homm.es/?s=funi&submit=Zoeken voor een overzicht van eerdere bezoeken. De funiculaire van Quebec was degelijk, interessant maar stelde toch ook wel enigszins teleur. Alhoewel al sinds 1879 in gebruik was zo te zien ooit besloten om de restauratie door Otis of Schindler te laten uitvoeren waarbij vooral alle authentieke kenmerken verwijderd dienden te worden. Het resultaat is een funiculaire die eerder aan 1979 dan 1879 doet denken. Bovendien wist de uitgenaste exploitant ook nog eens de winst te maximaliseren: Er kon alleen cash betaald worden (wasserette-geld lag nog in het hotel) en de ATM die heel convenient ter plaatse was neergezet rekende maar liefst $8,95 per transactie. Oplichters.

Funiculaire HQ

Best steil omhoog, maar dat is natuurlijk ook de functie van het apparaat

Lijkt zo meer op de lift uit Abeltje dan een 150 jaar oude klassieker

Boven aangekomen konden we genieten van de fraaie boardwalk. Mooi aangelegd en duidelijk geinspireerd door Brighton-achtige pieren. Helaas was het zicht suboptimaal en het uitzicht dus niet super. Na per funiculaire (terugreis niet inbegrepen, nogmaals $8,95 transactie kosten) weer beneden te zijn aangekomen was er koffie en tijd voor een paar zeer noodzakelijke aankopen.

Met een mager pensioentje krijg je dat. Maar hij oogde er wel ontspannen bij.

Hotelletje met uitzicht, een soort Kurhaus meets het Amstel Hotel. Naar verluidt in twee jaar uit de grond gestampt.

Irisscan

We zijn in Quebec

Niet in de planning maar spontaan bij elkaar geGoogle’d was een bezoek aan het Musée national des beaux-arts du Québec, kortweg MNBAQ. Het was even zoeken om de Bismarck te parkeren met het prutparkeersysteem met genummerde plaatsen die ingevoerd moesten worden en creditcards die niet geaccepteerd werden, maar het lukte ons om binnen te komen. Daar bleek een tentoonstelling met hyperrealistische beelden actief te zijn, en dat kon rustig als het hoogtepunt van de dag betiteld worden. Geweldige beelden, fraai uitgelicht en met de begeleidende teksten op de muur geschreven. We zijn echt geen doorgewinterde musea bezoekers maar dit was zonder meer smullen.

Na het museum pakte we nog even een attractie mee die eigenlijk voor morgen op het programma stond, maar nu we toch al in de buurt waren konden we ook de watervallen in de vorm van de Montmorency Falls meepakken. Ook hiervoor moest weer de portemonnee getrokken worden, er is weinig gratis in het Canadese terwijl dat water toch echt wel vanzelf naar beneden valt. Maar leuk om even te zien en het scheelt morgen weer een tussenstop.

Mooie waterval. Even naar toe gelopen maar de klimgeitroute aan de overkant hebben we overgeslagen

Inmiddels was het 14:00 en dus hoogste tijd voor de verlate lunch. Een snel diepteonderzoek leerde dat het overgrote deel van de restaurants rond deze tijd de deuren weer sluiten om logischerwijze pas rond 17:00 weer open te gaan. Gelukkig kwamen we nog op het spoor van het licht dubieuze Le Batifol uit. Met slechts een beperkte kaart (waarschijnlijk tot de chef weer wakker was) konden we toch nog prima even eten. Daarna retour hotel, alwaar C zowaar even een uurtje van het prettig verwarmde zwembad gebruik kon maken. Gezien de late lunch hebben we vanavond vermoedelijk wel genoeg aan de Subway. Morgen naar Tadoussac!

Dag 9: North Hatley – Quebec

Een kort verslag vandaag, maar aangezien het gros van de lezers toch alleen maar plaatjes kijkt maakt dan niet zoveel uit. Overigens is gedurende deze hele reis een alternatief verslag van onze belevenissen op ons zuster weblog Hard Bakboord te lezen, https://hardbakboord.nl/empty-pageabbfe9e7. En onthoud, bij enige discrepanties tussen beide blogs is het verhaal zoals dat op homm.es staat opgetekend altijd leidend!

Vandaag laten we North Hatley achter ons en trekken we verder noordwaarts naar Quebec. Waarbij iedereen weet dat Quebec ook wel bekend staat als het Groningen en Utrecht van Canada omdat de provincie heel erg handig dezelfde naam draagt als de hoofdstad. Maar de stad is dus ons doel.

Met een kopie van het ontbijt van gisteren nemen we afscheid van de uiterst vriendelijke eigenaar van La Chocolatiere. Wel even wat betalingsperikelen omdat iedere credit- en debitcard en tevens Apple- en GooglePay worden geweigerd. Aan het apparaat kan het volgens de eigenaar absoluut niet liggen, maar nadat in een laatste poging er even werd omgewisseld met het apparaat achter de bar bleek op wonderbaarlijke wijze de betaling alsnog voltooid te kunnen worden. Ja lieve mensen, voorwaar een uiterst spectaculaire start van de dag!

Je vraagt een extra eitje, je krijgt een extra eitje. De eigenaar van La Chocolatiere moest er zelf het hardst om lachen.

Eerste stop op weg naar Quebec was bij La Vache Observatory. Drie leden van de MiniGruppe hadden een prima idee wat deze stop inhield maar één deelnemer had tot kort voor aankomst het idee dat we bij een soort sterrenwacht van Quebec zouden belanden. Groot was dan ook zowel de ontgoocheling als de hilariteit toen duidelijk werd bij wat voor Canadees pareltje we waren aangekomen. Ondanks de lichte motregen konden we toch even van het uitzicht genieten om daarna met gierende banden weer te vertrekken.

Chauffeur van dienst aan het werk

La vache met een uitkijktoren sur son dos

Met mooi weer is het vast prachtig. Bismarck op de voorgrond.

Volgende stop op zo’n tien minuten rijden was zo mogelijk van een nog lager gehalte in de vorm van een afgedankte mijntruck. Foto en weer door dus.

Grote truck

The long and not so winding road onderweg

Een stuk leuker was het uitzichtpunt bij de Thetford Mines alwaar een drone-TikTokker net opnames aan het maken was. Leuk om te zien en ik ben meteen weer overtuigd dat ik ook zo’n controller moet hebben. Iets verderop nog een per trap te beklimmen (driemaal leden MiniGruppe, eenmaal wachtlopen bij de Bismarck) uitzichtpunt wat een goed overzicht gaf van deze asbest(!)mijn. In 2012 waren ze gestopt maar er was nog volop activiteit waar te nemen. Wel knap als je veertien jaar na sluiting de leiding weet te overtuigen dat je toch nog echt even de oprit moet aanvegen. De informatieborden maakten duidelijk dat voor een ton asbest er tien ton steen afgegraven wordt, dus het was wel duidelijk waarom we al kilometers lang tussen de kunstmatig aangelegde bergen reden.

Drone operatie in volle gang. De opbrengst van de filmpjes gaat geheel naar de aanschaf van een nieuwe hoodie.

De foto doet geen recht aan het spektakel

Na dit hoogtepunt door naar Saint-Georges. Het bleef enigszins onduidelijk wat we er te zoeken hadden, maar er was in ieder geval een keurige Canadese Landmarkt in de vorm van Les Pères Nature die ons van de benodigde lunchaanvullingen kon voorzien. Inmiddels was het helemaal droog en konden we in het Parc des Sept Chutes van de lunch genieten.

Er wordt nog gelachen bij de lunch

Na de lunch nog even tanken. Aangezien we dat langs de snelweg deden betaalden we met maar liefst omgerekend €1,28 per liter de hoofdprijs maar dat kunnen we nog net hebben. Nu gearriveerd in de Quality Inn (what’s in a name) in Quebec, morgen de stad verkennen!

Prijzig gebeuren. Ze hebben ook nog 87, en ondanks dat ze het octaangetal iets anders meten is dat natuurlijk een soort met water aangelengde rommel.

Dag 8: North Hatley

Vandaag was een rustdag. Desondanks zaten we om 08:30 (slapen doen we ’s nachts) aan het prima ontbijt. Norman Bates himself wist ons te vergasten op eitjes, toast, fruit en koffie/thee. Dan zie je dat een eenvoudig zelf gemaakt ontbijt prima kan concurreren met de uitgebreide restaurantexperience die we eerder hebben ervaren.

Omeletje met bacon en cheddar. Let ook op dat miniscule bakje chocolade: De eigenaar is ook chocolatier en dit dient vermoedelijk als promotie maar als je mij had gezegd dat het Nutella was had ik het ook geloofd.

Na het ontbijt kon het dagprogramma (want dat wordt het natuurlijk toch) van start met een bezoekje aan de wasserette in Sherbrooke. Omdat we in deze tijd van het jaar overal op voorbereid moeten zijn maken we volop gebruik van het laagjesconcept. Dat betekent echter ook dat we bijtijds weer een wasje moeten draaien, maar aangezien dat evenement historisch gezien de nodige hilariteit met zich meebrengt is dat bepaald geen straf. Gedegen speurwerk leidde ons naar de gerenommeerde Bauderie de l’Est te Sherbrooke. En deze bauderie stelde niet teleur: Alleen met cash betalen (hadden we niet), zwaar gedateerde machines die wel nat maar niet schoon maken en een beheerster van minimaal 75 jaar oud die uitsluitend rap binnensmonds Frans sprak. Geweldig dus. Eerste stap was de dichtstbijzijnde ATM lokaliseren om daarna met de pecunia in de hand de onderhandelingen met mevrouw Bauderie te starten. Haar uitleg was zowel onbegrijpelijk als onverstaanbaar maar de geroutineerde wascrew van de MiniGruppe heeft wel voor hetere vuren gestaan. Met drie machines gevuld kon Het Grote Wachten beginnen. Al snel realiseerden we ons dat het misschien wat overdreven was om met z’n vieren twee uur lang naar een muur van witte wasmachines te zitten staren en werd dus al snel razendsnel plan B uitgewerkt: Een vrijwilliger (P) ontfermt zich over het delicate wasproces terwijl de rest van MiniGruppe een bezoek aan de Walmart brengt voor een aantal uiterst nuttige boodschappen.

Wachtend tot de reisleiding voor contant geld heeft gezorgd

Deze uitstraling zoeken we. Bankje voor de deur heeft ook de juiste patina.

Het Walmart SuperCentre (nooit naar zo’n kinder Walmart gaan) had alles wat we nodig hadden: Benodigdheden voor de lunch, kleding en zelfs twee draadloze powerbanks. Niet dat we die laatste heel dringend nodig hebben, maar mooi toch dat je een accu’tje achterop je telefoon kunt plakken en dat-ie dan gewoon oplaadt. Na de Walmart spoedden we ons terug naar P en mevrouw Bauderie om te assisteren bij het afronden van het wasgeweld. Daarna koffie in het hipster tentje aan de overkant en vervolgens retour hotel voor het uithangen van het wasgoed: Weliswaar tweemaal in de droger (of wat daar hier voor door moet gaan) geweest maar deels nog steeds behoorlijk klam.

Zowel wij als mevrouw Bauderie doen net alsof het droog is

Hipsters lusten naar verluidt geen Senseo

Fraai resultaat. Helaas had een gulzig lid stiekem al geroerd.

Veel murals onderweg maar fototechnisch lastig vast te leggen, daarom maar een plaatje van Internet gejat

Na terugkomst in het hotel hebben we in het parkje in de buurt gelunched waarna we even Echt Vrij hadden. P+F maakten van de gelegenheid gebruik om een korte doch stevige wandeling te maken terwijl C+D even van de verworven vrijheid genoten. Nu rust, straks diner in hetzelfde restaurant als gisteren. Morgen naar Quebec!

Uitnodigend wandelplaatje

Nee, niet wat jullie denken, zo heet het meer waaraan de villa ligt

Dag 7: Montreal – North Hatley

Reizen. Volgens van Dale ‘ergens naartoe gaan en daar verblijven’. Laat dat nou precies zijn wat we vandaag hebben gedaan.

Om 08:30 meldden wij ons bij het vertrouwde Allo! Mon Coco voor het wederom copieuze ontbijt. De vrolijke bediening van gisteren ontbrak maar we kregen wederom een hoeveelheid eten voorgeschoteld waar normaal gesproken een kleine Spar mee gevuld zou kunnen worden. Maar alle ingrediënten waren vers en alles was vers bereid, kom daar nog maar eens om bij een dergelijke keten. Uiterst content vervoegden we ons dus bij terugkomst in het hotel bij de balie om de auto voor te laten rijden. Altijd ietwat spannend natuurlijk je auto afgeven aan een 18-jarige die twee weken z’n rijbewijs heeft en al helemaal als het een huurauto betreft waarbij ongetwijfeld minstens twee paragrafen van de kleine juridische lettertjes een duidelijke indicatie geven dat je onder geen enkel beding je auto door iemand anders dan de designated drivers mag laten besturen. Gelukkig kwam de Bismarck zonder zichtbare schade weer uit de opslag tevoorschijn. Vermoedelijk een ondergrondse opslag, want het flesje water in de bekerhouder zou moeiteloos in een kopje earl grey omgezet kunnen worden.

Let ook op die gepocheerde eieren in het bakje. Topkwaliteit.

Doel van de reis van vandaag was Sherbrooke. Maar in de tot op de minuut uitgewerkte uiterst globale planning was eerder al als risico geïdentificeerd dat we de hele reis van het ene naar het andere aangeharkte (Novotel, Best Western, Hilton, Holiday Inn) hotel zouden reizen, terwijl we uit het verleden toch de beste herinneringen hebben aan alle Fawlty Towers achtige taferelen bij diverse Inns en Pubs. Daarom koersden we vandaag niet naar Sherbrooke maar naar North Hatley om bij La Chocolatiere te logeren.

Met volop zon en strakblauwe lucht maakten we na een kleine detour onze eerste stop en tevens meteen hoogtepunt van de dag voor tenminste één teamlid bij een Muffler Man. Vaste lezers van dit blog (en wie is dat niet) weten natuurlijk dat dit op een Noord Amerika reis niet mag ontbreken, zie https://homm.es/?s=muffler&submit=Zoeken voor een fraai overzicht van eerdere hoogtepunten. Nu zijn de Muffler Men in Canada niet ruim vertegenwoordigd dus des te meer reden om deze toch even mee te pakken.

Uitgesproken Muffler Fan

Stiekeme Muffler Fans

Bonusattractie onderweg

Na de Muffler Man was het alweer 11:00. Koffietijd. Licht gesteun (tweemaal) en licht gejuich (ook tweemaal) vulde de cabine van de Bismarck. Uitgekiend speurwerk (ChatGPT) van yours truly leverde een stop in het feeërieke Farnham op waar zowaar een dubbelslag van supermarkt en koffie gemaakt kon worden. Koffie werd geschonken in het eclectische Yamaska Café, wat ondanks de naam geen enkele Japanse connotatie had maar gewoon vernoemd was naar de nabijgelegen rivier. Een zo te zien gevluchte Fransman met veel gevoel voor theater had daar een uitspanning gevuld met kringloop vintage meubilair en schonk, getooid met vlinderdas en een bril die Lous Haasdijk nog zou doen verbleken een prima kopje koffie en thee. Hierna nog even de Metro Plouffe supermarkt bezocht, maar daar bleek het verse brood slechts te bestaan uit afgebakken stokbrood. Voor het ultieme vakantiegevoel kon dat echter ook zeker als een nuttige aanvulling worden gezien, en samen met nog wat aanvullende aankopen konden we onze weg vervolgen.

You’re the voice

Fijn tentje

Het epicerie deel bestond voornamelijk uit een collectie flesjes balsamico azijn en vers gebak

Volgende stop: Etang aux cerises. Fraai gelegen in het Parc national du Mont-Orford hebben we zowel het kersenmeer als het Lac Stukely bezocht. Bij het laatste was een prachtig strandje met volop picknickplaatsen. Schoon, netjes en toch midden in de natuur, wat wil een mens nog meer. Na de picknick reden we door naar Magog, vooral omdat dit aangeprezen werd als mogelijke stop. Op ons maakte het meer de indruk van een typisch toeristenplaatsje waar alleen maar geld uitgegeven moet worden maar verder eigenlijk weinig te doen is. Daarom verder gereden naar de eindbestemming, waar we weliswaar iets te vroeg arriveerden (check in vanaf 1600) maar de eigenaar duidelijk blij was dat we er waren, want naar eigen zeggen zou hij als de laatste hotelgast binnen was meteen naar huis gaan om te slapen. Duidelijke taal, wij houden ervan. Daarna gedineerd, morgen rustdag. Denken we nu.

Kersenmeer, erg fraai

Kersenmeerbezoekers

Picknickopstelling

Creatieve Cantonniers onderweg

Met lakeview

Sunset now

Salade Nicoise om de calorieën nog een beetje te beteugelen

La Chocolatiere by night

Dag 6: Montreal

De afgelopen twee dagen is er al veel gezegd over de kwaliteit van het Best Western ontbijt in Kingston, en aangezien we ook in Montreal in het Best Western verblijven hebben we het zekere voor het onzekere genomen en gewoon geen ontbijt bijgeboekt. Daarom konden we vanochtend bij het slechts 100 meter verderop gelegen ‘Allo! Mon Coco’ (ja, zo heet het echt) ontbijten. En dat viel niet tegen met veel vers fruit, eitjes (sunny-side-up én gepocheerd), yoghurt, granola en toast. Met vrolijke bediening die de onderhandelingen omtrent aardappelen (willen we niet) en het ruilen daarvan voor een extra eitje (dacht het niet), toast dan misschien (nice try sir) haarfijn aanvoelde.

Gezien de afstanden tussen de bezienswaardigheden in Montreal hadden we al snel besloten om ook hier een hop-on-hop-off bus te nemen. Diepgravend Internet onderzoek door het volledige organiserend comité maakte dat het maar niet helder te krijgen was wat de dichtstbijzijnde busstop was. Nou is de animo om grote afstanden te wandelen binnen een deel van de miniGruppe ronduit beperkt te noemen, dus om te voorkomen dat we tevergeefs een half uur de verkeerde kant op zouden lopen hebben we geopteerd voor een Uber naar het beginpunt van de HOHO. Dat bleek achteraf een uitstekende keuze want niet op alle stops stond zo’n fijne vertegenwoordiger die ook kaartjes verkocht. Ook bij de kaartverkoop bij het beginpunt bleek dat Canada niet echt voorop loopt in de automatisering waarbij de verkoopster op een papieren formulier de verkochte tickets bijhield.

HOHO genieters

Veel van dit soort industrieel erfgoed in verschillende stadia van ontbinding

Halverwege de HOHO route stapten we uit om het Musée National des beaux-arts te bezoeken. Dat viel niet tegen met een mooie mix van klassieke kunst (veel Hollandse meesters!) en modern geweld. Zoals gebruikelijk waren we na twee uur wel verzadigd en stapten we na een korte wachttijd weer op de HOHO. Met op dit deel als hoogtepunt de klim naar de top van de berg om het uitzicht op Montreal van bovenaf te bewonderen. Een uur later waren we terug bij het HOHO startpunt om ons te beraden op de rest van het programma.

Picassootje voor thuis aan de wand

Erg mooi werk van de mij tot dusver onbekende Mark Tansey. Die vraagt verdere studie.

Allemaal in de HOHO bus dezelfde foto maken

Wij doen ook mee

HOHO van dienst

Erg veel murals in Montreal, dit is Leonard Cohen

In ieder geval voor één lid betekende dit dat er nog een bezoek aan de Schwartz’s Deli gebracht moest worden. Deze deli zit er inmiddels al bijna honderd jaar dus er moet wel iets aan deugen. De Uber was vanochtend bij de gehele miniGruppe in de smaak gevallen dus met een simpele druk op de knop kwam onze nieuwe vriend Innocent (huidskleur raden toegestaan) met een prima 7-zitter voorrijden. Bij Schwartz aangekomen bleken we niet de enige met dit idee te zijn dus we konden naadloos in de rij aanschuiven. Een goed half uur later stonden we binnen in het miniscule etablissement waar we de tafel moesten delen met twee anderen. Eigenlijk is het hier de bedoeling dat je niets anders besteld dan het world famous broodje vlees maar we hebben daar toch nog iets meer variatie in aangebracht. En het moet gezegd, het eten was prima maar vooral de sfeer en ambiance zullen ons bijblijven. Na dit hoogtepunt weer per Uber (we hebben de smaak te pakken) retour hotel om even anderhalf uur te niksen, voor de avond hadden we nog tickets voor het audiovisuele AURA spektakel in de Notre Dame: Muziek, geluid, lichtshow, lasers, dat soort werk maar dan wel allemaal kerkelijk verantwoord natuurlijk. Een snelle rekensom leerde dat gezien het aantal bezoekers en het feit dat ze het twee keer op een avond deden het toch gauw een ton omzet per avond opleverde. Dat red je niet met een bijbelvertelling zullen ze hier gedacht hebben. Afijn, Ubertje heen, maar aangezien het nog steeds prachtig weer was zijn we lopend terug gegaan naar het hotel. Wat ook een mooie gelegenheid gaf om een ijsje te halen wat gezien de copieuze lunch prima als diner kon dienen. Nu rust, morgen naar Sherbrooke / North Hatley!

In de rij voor Schwartz’s

Interieur. Kruising tussen een diner en een snackbar. Wij houden ervan.

Tijdens het spektakel mocht niet gefilmd of gefotografeerd worden maar dit was de plaats delict

Dag 5: Kingston – Montreal

Soms moet je een horecaonderneming een tweede kans geven, en dat deden we dan ook vanochtend aan onze ontbijterette. En er was duidelijke progressie: Koffie en theewater waren bijgevuld, borden waren aanwezig en zelfs de bak met roerei was gevuld. Helaas waren de keuzemogelijkheden nog net zo beperkt als gisteren dus werd de toast met pindakaas dit keer in iets betere stemming verorberd. Na het ontbijt konden we uitchecken, de koelbox met ijs vullen en op weg naar wat ChatGPT had aangewezen als een nabije supermarkt met vers brood. We hebben inmiddels geconstateerd dat de Canadese supermarkten verdacht veel op Amerikaanse supermarkten lijken maar dat het accent iets meer op gezonde voeding lijkt te liggen. Wij konden er in ieder geval prima broodjes en ietwat saaie kaas en salami scoren. Hierna konden we op reis naar Montreal.

De QR-code of zelfscan is hier nog niet doorgedrongen. Zelf dus even het juiste vak en het aantal gescoorde broodjes aangeven.

Mayonaise in Zwitsal verpakking

En dit is alleen nog maar de afdeling van plakjes kaas voor op de hamburger

Eerste geplande stop was de Brockville treintunnel. Geen idee wat er spectaculair aan is (if any) maar het was leuk om te zien dat na het in onbruik raken van de trein de rails zijn verwijderd en er een soort permanente licht en geluidsshow was toegevoegd en de tunnel was omgetoverd in een voetgangerstunnel. Na het tunnelspektakel was het koffietijd en belandden we bij Cosies Britsh Café. Een gezellig in Britse stijl ingerichte zaak met een aantal jonge uitbaters die zo te zien zonder enig businessmodel een cafeetje waren begonnen. Waar we koffietechnisch inmiddels gewend zijn aan een van capuccino via cortado tot latte macchiato varierend repertoire serveerden ze bij Cosies de variant Koffie. Die werd vermoedelijk ’s ochtends gezet en de rest van de dag uit de op een petroleumstel pruttelende koffiepot geserveerd. Tevens op de kaart drie soorten van ondersteunend gebak-voor-bij-de-koffie, scones, crumpets en eccles: Uit dit riante assortiment valt onze keuze op de crumpets en eccles. Na topoverleg in de keuken (daar stond een jongen met een binnenshuismutsje, dus dan weet je het eigenlijk al) kwam de mededeling dat beiden vandaag helaas niet in het assortiment zaten. Onverschrokken nam C de enige resterende optie in de vorm van een scone en we concludeerden als MiniGruppe dat ‘gortdroog’ de lading nog niet half dekte. In The Great British Bake Off had er in ieder geval voor dit underproved en underbaked exemplaar geen handdruk van Paul Hollywood ingezeten.

Brockville Railway Tunnel

Beproefd suikerdistributiesysteem

Nagenietend van het koffiespektakel

Onder begeleiding van een miezerig motregentje vervolgden we onze weg richting Montreal met als volgende tussenstop het Parc L’Amoureux in Cornwall. Inmiddels hadden we de volledig tweetalige regio bereikt en stond het park dus ook gewoon plat als Lamoureux op de kaart. Tijdens een korte regenonderbreking konden we van een keurige lunch genieten waarbij de koelbox weer volop z’n waarde bewees.

Lunch. Het was gezelliger dan De Blik doet vermoeden.

We vervolgen onze weg via onder andere de Long Sault Parkway waarbij we binnendoor een aantal van de 1000 eilanden die vandaag aan onze rechterhand passeren mee kunnen pakken. Eerstvolgende stop: Parc des Ancres. Inmiddels was het vrijwel droog en konden we in alle rust (zeker 15 minuten) dit park verkennen. De naam van het park dekt de lading volledig: Op een voor de scheepvaart riskante locatie zijn in de loop van de jaren heel wat schepen in de problemen gekomen en hebben hun anker verspeeld. Gelukkig zijn er dan mensen die deze ankers opduiken zodat er een park mee gevuld kan worden. Behalve het ankergeweld was er een sluisdeur in verregaande staat van ontbinding te bewonderen die desalniettemin nog steeds een indrukwekkende hoeveelheid water wist tegen te houden, maar hoe lang dat nog goed gaat weet niemand.

Ankers galore

Sluisdeur. We durfden er niet overheen te lopen.

De hoeveelheid lekwater valt eigenlijk nog wel mee

De Bismarck is helaas voorzien van een 4-cilinder (dat zijn er vier te weinig) turbo motor. Op zich knap dat er 328pk uit wordt geperst maar echt toereikend voor een slagkruiser is het natuurlijk niet. Positief is wel dat het verbruik ook dat van een 4-cilinder is: Wonderbaarlijk genoeg draait het apparaat bij 110 kmh op de snelweg maar 1700 toeren en dus was vandaag pas de eerste dag dat we moesten tanken. En alhoewel we dat op een relatief dure locatie langs de snelweg deden rekenden we voor meer dan 60 liter nog steeds maar €70 af. Geen wonder dat het aantal elektrische auto’s hier redelijk beperkt is.

Rond 15:30 bereikten we ons hotel in Montreal. Wat meteen opviel was de hoeveelheid zwervers, vlakbij het hotel is zelfs een compleet park in een soort tentenkamp veranderd. Geen idee of dit representatief is voor alle Canadese steden maar ietwat ontluisterend is het wel. De Bismarck hebben we aan de valetparking afgegeven en een half uurtje later konden we voor het eerst de stad verkennen. Na een korte wandeling stonden we in het oude centrum en eerlijk is eerlijk, ook door het gebruik van de Franse taal waan je je zomaar in een stad in Frankrijk. Ons uitstapje werd echter wreed onderbroken: Alhoewel het de hele middag droog is gebleven hoorden we wat gerommel in de verte. Nog geen minuut later braken werkelijk alle sluizen open en kwam er een wolkbreukmoesson van apocalyptische omvang naar beneden zetten. Binnen tien seconden stond heel toeristisch Montreal binnen in winkels of zoals wij onder een luifel. En het ging er echt heftig aan toe, na Florida (2000) heb ik nooit meer zo’n heftige bui meegemaakt. Diverse luifels van restaurants sneuvelden onder het gewicht maar wonder boven wonder werd de rivier die midden in de straat ontstond relatief snel afgevoerd. Ondanks dat we snel onder een luifel stonden varieerde na de bui, die ongeveer tien minuten duurde, de stand binnen de MiniGruppe van redelijk nat tot doornat tot ’tot op de onderbroek’. Daarom zijn we maar retour hotel gegaan om op te drogen en het dagprogramma af te sluiten. Straks diner, morgen Montreal verkennen!

Onduidelijk monument boven de verkeerstunnel

Fraaie vintage reclame

Moesson

Dag 4: Kingston

Jetlag. De een heeft het meer dan de ander, maar wij hebben het ongeveer identiek. Dat betekent dat we nog steeds lekker bijtijds wakker zijn en ‘nog wat aan onze dag hebben’. Vandaag begon die dag met een ontbijt in het hotel, en wel bij de gerenommeerde Bistro Stefan. Nu zijn we bij een dergelijk hotelontbijt in dit deel van de wereld al bij voorbaat extreem op onze hoede, maar de locatie in Bistro Stefan (toch niet de eerste de beste) stemde ons stiekem toch hoopvol. Maar, beste lezers, hoe kan een mens zich vergissen. Op deze luxe locatie was schraalhans keukenmeester en bestond daarnaast de bediening uit twee totaal ongemotiveerde pubers die het zo te zien ook nog eens voor het eerst deden. Zelfs onze meest flexibele opstelling waarbij we het toneelstuk gewoon meespelen en net doen alsof aangelengd eierpoeder daadwerkelijk roerei is was niet toereikend omdat zelfs de bak met roerei gewoon leeg was. Dat gold overigens ook voor de koffie, theewater en de borden. De riante belegkeuze bestond uit maar liefst twee soorten kuipjesjam én pindakaas. Dat er gisteren bij aankomst voor deze misère nog vouchers uitgedeeld waren leek ons schromelijk overdreven, de kans dat onverlaten zich toegang tot het hotel verschaffen om deze marteling te ondergaan was uiterst gering. Met slechts het nuttigen van een geroosterde boterham met pindakaas konden we deze deceptie achter ons laten, morgen maar eens op zoek naar een fatsoenlijk ontbijt.

Eerste actiepunt deze dag was het scoren van tickets voor een boottocht. Via Internet konden weliswaar tickets gekocht worden, maar die moesten vervolgens wel fysiek bij een kiosk opgehaald worden, blijkbaar denken ze hier dat als de boot uit 1950 komt dat de kaartjesdistributie dat ook moet zijn. Met de Bismarck zijn we dus naar downtown Kingston gereden om de kiosk te lokaliseren. Nadat we de kaartjes bij een vriendelijke doch licht verveelde jongedame gescoord hadden zijn we naar het Great Lakes Museum gelopen. Geen idee waarom het zo heet, want het draait hierbij om een afgedankte schip (denk Titanic, maar dan iets kleiner) dat in een eveneens afgedankt droogdok ligt. Maar het was een fraaie wandeling langs het waterfront en het museum viel zeker niet tegen.

Parkeren moet natuurlijk wel altijd netjes betaald worden

Rondvaartvloot

I’m goin’ to walk on up to the Waterfront

SS Keewatin alias de kleine Titanic

Na de obligate koffie was het tijd om in de rij aan te sluiten voor de Island Belle I om zo een goede zitplaats te garanderen om de boottocht optimaal te kunnen ondergaan. Waar we eerst nog dachten dat een uur misschien wat kort was kwamen we na het twintig minuten aanhoren van wetenswaardigheden over de geschiedenis van Kingston tot de conclusie dat een uur eigenlijk ook wel prima is. Neem daarbij een stel Aziaten met een verwende kleuter die voor ons neus ronddanste in het formaat zitten/staan/bij oma op schoot/bij opa op schoot/opa staan/oma staan en dat op constant repeat en we waren blij dat we weer vaste grond onder de voeten hadden. Niettemin een heel aardig tochtje.

Nautici

Soort elektrisch aangedreven surfplank die gebruik maakte van de hekgolven van de rondvaartboot. Voor de terugweg kwam er een soort parasail uit z’n rugzak tevoorschijn.

Veel Nederlandse invloeden hier

Tijd voor lunch, en het door P uitgekozen etablissement bleek een uitstekende keuze die het ontbijt volledig deed vergeten. Uitstekend gegeten en dus nieuwe energie voor een bezoek aan het Kingston Penintentiary Museum. Het plaatsje heeft een lange geschiedenis met gevangenissen en naar verluidt (dat deel van de boottour waar ik daadwerkelijk luisterde naar de gids) werkt ongeveer een derde van het plaatsje in of bij de gevangenis. De recent gesloten gevangenis kent inmiddels ook een museum in de oude directeurswoning en die was zeker een bezoekje waard. Al was het alleen al om te zien hoe de inzichten veranderden, van lijfstraffen (tot 1969…) naar het rehabiliteren van gevangenen.

Zo moet dat dus voelen

Na de gevangenis zijn we retour hotel gegaan waar de MiniGruppe zich tijdelijk even opsplitste: 50% genoot van hotel en patio en de jeugdige andere 50% van een wandeling in de tien minuten verderop gelegen Little Cataraqui Creek Conservation Area, een klein natuurgebied met een paar keurige wandelingen langs genummerde paaltjes, precies zoals een navigatietechnisch uitgedaagde wandelaar als ikzelf dat graag ziet. Erg prettig om even in de natuur de benen te strekken.

Vogelhuisje gekraakt door de Squirrel Squatter

Wilde natuur tussen de genummerde paaltjes door

Vanavond dineren we wederom in het hotel, dat was gisteren prima te doen. Morgen naar Montreal.

Dag 3: Toronto – Kingston

Na een op zich niet onaardige nachtrust waren we natuurlijk wel weer om 05:00 wakker, maar dat biedt mooi de gelegenheid voor een rustige start tijdens deze verder toch wel hectische vakantie. Ontbijt was wederom bij onze nieuwe vrienden van Landwer en was ondanks het nog steeds licht alternatieve linksdraaiende gehalte van de menukaart zonder meer weer uitstekend te noemen. Daarna was het tijd voor het afscheid van het prima Novotel en kon de auto uit de garage gepeuterd worden. Deze was inmiddels voorzien van twee felgele epistels onder de ruitenwisser: Het Nederlandse systeem waarbij je op kenteken binnenrijdt, betaalt en weer naar buiten gaat geniet hier nog niet de populariteit die het verdient. In plaats daarvan blijkt (achteraf….) dat er vooraf op kenteken betaald moet worden terwijl je dus nog geen idee hebt hoe lang je er zult staat. En dat alles wordt dan blijkbaar ook nog eens door een onbezoldigd veldwachter van dienst gecontroleerd. Twee bonnetjes van ongeveer €50 rijker kon de Bismarck met koffers gevuld worden voor de rit naar Kingston.

De Bon

Eerste stop was de supermarkt om de pas aangeschafte koelbox van ijs te voorzien en verder af te vullen met dranken en lunch parafernalia. De vooraf zo zorgvuldig geselecteerde Real Canadian Superstore bleek een prima leverancier van vers gebakken broodjes en dan is de strijd al half gewonnen natuurlijk. Eerste stop hierna was de waterzuiveringsinstallatie van RC Harris. Voor de niets vermoedende meelezer misschien een merkwaardig toeristisch doel, maar gezien de fraaie architectuur heeft deze locatie al in menige film en tv-serie onder andere mogen fungeren als respectievelijk psychiatrische inrichting, hoofkwartier van De Schurk en gevangenis. In ieder geval een mooie gelegenheid om wat foto’s te maken.

Erg fraai, in 1932 gebouwd. Wel licht sinister.

Inmiddels was het 11:00 uur, en dat kan maar één ding betekenen: Koffie. Een volgens de helft van de miniGruppe uiterst noodzakelijk intermezzo, volgens de andere helft een redelijk overbodige onderbreking van het wedstrijdritme. We kwamen hiervoor bij de gerenommeerde Bali Coffee Shop terecht alwaar een jonge dame ons van tweemaal capuccino en tweemaal thee kon voorzien. De prijzen waren echter dusdanig laag dat ze zichzelf echt tekort deed wat met 25% fooi nog enigszins gecorrigeerd kon worden.

Vriendelijk geprijsd, maar die €1,15 voor een kop thee is niet echt kostendekkend.

Hierna verlieten we Toronto op weg naar Port Hope. Port Hope kent een kleine dam in de rivier waar jaarlijks rond deze tijd tienduizenden zalmen de trek naar hun geboortegrond maken om te paaien, en bij de dam in Port Hope kun je observeren hoe ze de dam in tegengestelde stroomrichting overwinnen. Tenminste, dat is de theorie. In de praktijk springen ze met name bij zonsop- en ondergang en dus net niet als wij midden op de dag langskomen. We zagen de zalmvloot wel op enkele tientallen meters van de dam wachtend op het ideale moment, maar beweging was er helaas nauwelijks. Er was wel vlak naast de dam een fraaie gazebo gepositioneerd en dus een ideale gelegenheid om een prima lunch te verorberen. Na de lunch hebben we nog even een vergeefse tweede poging gedaan om springende zalmen waar te nemen.

The Jump

Zalmen in de wachtkamer

Happy lunchers

Op nieuw en-route naar Kingston dus, waarbij de volgende onderbreking de Big Apple was, zonder nou precies te weten waarom we daar nou ook alweer aan moesten leggen. Na aankomst bleek dat voor the Big Apple de term ’tourist trap’ nauwelijks toereikend was. De overvolle parkeerplaats gaf al een eerste indicatie maar er werden ook busladingen vol met nietsvermoedende toeristen naar binnen gedreven. En dat alles omdat iemand ooit met een paar dozen appels langs de kant van de weg stond, maar wat inmiddels een imperium met foodtrucks, midgetgolf, kinderboerderij en appeltaartfabriek is. Na enkele foto’s konden we met gierende banden onze weg vervolgen.

Tourist trap

Bovenop The Big Apple. Als we er dan toch zijn…

Met nog een uurtje voor de boeg hadden we de optie om de snelweg in te ruilen voor een alom geprezen ‘scenic route’. Dat kostte wel meteen drie uur, dus hebben we er voor gekozen om als compromis een uur de scenic route te volgen om het laatste deel toch weer de snelweg te volgen. De nieuwe route kan beschreven worden als prima: Leuker dan de snelweg, goed om een indruk van de omgeving te krijgen maar nou ook weer niet heel spectaculair.

En nu verblijven we in een Best Western in Kingston. Wederom voor de hoofdprijs, maar om de een of andere reden zijn hotels erg prijzig hier. Benzine kwamen we onderweg voor omgerekend €0,85 per liter tegen, dus echt begrijpen doen we het allemaal nog niet. Straks diner in één van de twee restaurants die deel uitmaken van het hotel, morgen Kingston verkennen.